In mijn werk zie ik regelmatig honden die worden aangemeld als “hyperactief”, “onrustig” of “moeilijk tot rust te brengen”. Vaak ligt de focus in eerste instantie op training, prikkelmanagement of meer (of net minder) beweging. Maar soms zit er iets anders onder. In deze blog deel ik een casus uit een gedragsconsult waarbij een hond die ogenschijnlijk gewoon erg druk was, uiteindelijk gediagnosticeerd werd met IBD (Inflammatory Bowel Disease) en een vitamine B12-tekort.
De hulpvraag: een hond die nooit “uit” stond
De hond in kwestie werd aangemeld omdat hij:
– Continu in beweging was
– Moeite had om te ontspannen, zelfs thuis
– Snel overprikkeld reageerde op omgevingsprikkels
– Slecht leek te slapen
De eigenaar omschreef hem als “altijd aan”. Klassiek een profiel dat vaak als hyperactiviteit wordt bestempeld. Tijdens het consult viel echter iets op: de onrust voelde niet “functioneel”. Het was geen doelgericht, energiek gedrag — het had iets geforceerds, iets ongemakkelijks.
Gedrag als signaal
Wat mij triggerde om verder te kijken dan gedrag alleen:
– De hond kon fysiek moeilijk tot rust komen
– Er was een vorm van interne onrust, geen pure externe prikkelreactie
– Kleine signalen van mogelijk lichamelijk ongemak (subtiel, maar aanwezig)
In zulke gevallen is het belangrijk om een stap terug te nemen. Niet meteen méér training, maar eerst de vraag: voelt deze hond zich wel goed in zijn lichaam?
Na doorverwijzing en verder veterinair onderzoek kwam de diagnose:
– IBD (chronische darmontsteking)
– Een tekort aan vitamine B12 (cobalamine)
IBD verstoort de opname van voedingsstoffen in de darmen. B12 wordt specifiek opgenomen in een deel van de dunne darm dat vaak aangetast is bij deze aandoening. Het gevolg? Een lichaam dat:
– Niet efficiënt voedingsstoffen opneemt
– Chronisch geïrriteerd is
– Subtiele maar constante fysieke stress ervaart
De impact op gedrag (vaak onderschat). Wat deze casus opnieuw bevestigde: lichamelijke problemen kunnen zich sterk uiten in gedrag.
Bij deze hond zagen we:
– Aanhoudende onrust (niet kunnen ontspannen)
– Slechte slaapkwaliteit
– Snelle overprikkeling
– Moeite met focus
Een B12-tekort kan bovendien het zenuwstelsel beïnvloeden, wat leidt tot:
– Rusteloosheid of juist apathie
– Verminderde concentratie
– Verhoogde prikkelgevoeligheid
Wat als “hyperactief” werd gezien, bleek in werkelijkheid een combinatie van lichamelijk ongemak en neurologische impact.
Na de diagnose: een ander traject
De behandeling lag volledig in de medische hoek:
– De juiste voeding
– Medicatie om de darmontsteking te verminderen
– B12-suppletie
Pas daarna kreeg gedragstherapie weer echt zin. En het verschil?
– Meer rust in het lichaam
– Betere herstelmomenten
– Minder constante “aan-stand”
– Meer leerbaarheid
Belangrijke les voor gedragstherapie
Deze casus onderstreept iets essentieels: Gedragstherapie zonder lichamelijke check is soms bouwen op een wankele basis.
Als een hond:
– Niet tot rust komt
– Extreem druk of juist vlak gedrag vertoont
– Slecht reageert op training
…dan is het cruciaal om ook medische oorzaken uit te sluiten.
Want een hond die zich niet goed voelt, kan simpelweg niet het gedrag laten zien dat we verwachten. En pas wanneer het lichaam weer in balans komt, ontstaat er ruimte voor echte gedragsverandering.
Deze casus was voor mij opnieuw een reminder: kijk altijd naar het volledige plaatje. Gedrag is nooit losstaand — het is een spiegel van wat er vanbinnen gebeurt.
