De teef: baarmoederontsteking, melkkliertumoren en de invloed van vrouwelijke hormonen
Wanneer mensen spreken over castratie bij honden, gaat de aandacht vaak naar reuen en testosteron. Toch is de beslissing bij teven minstens even belangrijk, maar vaak complexer.
Bij een teef gaat het namelijk niet alleen over vruchtbaarheid voorkomen. Het gaat ook over de invloed van vrouwelijke geslachtshormonen op gezondheid, gedrag, ontwikkeling en levenskwaliteit.
De vraag is daarom niet:
“Moet mijn teef gesteriliseerd worden?”
Maar:
“Wat zijn voor deze specifieke teef de voordelen en risico’s van het behouden of verwijderen van haar hormonen?”
Sterilisatie of castratie bij een teef?
Ook hier bestaat vaak verwarring over de juiste termen.
In de volksmond spreken we meestal over “sterilisatie”, maar in de praktijk wordt vaak een castratie van de teef uitgevoerd.
Bij een teef kunnen verschillende ingrepen gebeuren:
Ovariectomie
Hierbij worden enkel de eierstokken verwijderd.
Omdat de eierstokken de belangrijkste bron zijn van vrouwelijke geslachtshormonen, stopt de loopsheid en verdwijnen de hormonale cycli.
Ovariohysterectomie
Hierbij worden zowel de eierstokken als de baarmoeder verwijderd.
Beide ingrepen maken de teef onvruchtbaar, maar het effect op de hormoonhuishouding is vergelijkbaar wanneer de eierstokken verwijderd worden.
De belangrijkste medische reden: pyometra
Een van de grootste gezondheidsrisico’s bij intacte teven is baarmoederontsteking (pyometra).
Pyometra ontstaat meestal enkele weken na een loopsheid onder invloed van hormonale veranderingen.
De baarmoederwand wordt gevoeliger voor bacteriële infecties en kan zich vullen met pus.
Symptomen kunnen zijn:
- veel drinken;
- veel plassen;
- lusteloosheid;
- koorts;
- minder eten;
- buikpijn;
- vaginale uitvloeiing (niet altijd aanwezig).
Een ernstige pyometra kan levensbedreigend zijn en vraagt vaak een spoedoperatie.
Door de eierstokken te verwijderen wordt dit risico vrijwel volledig voorkomen.
Dit is één van de sterkste argumenten vóór castratie van de teef.
Melkkliertumoren: waarom timing belangrijk is
Een ander vaak besproken voordeel is het effect op melkkliertumoren.
Oudere studies hebben aangetoond dat vroegtijdige castratie het risico op melkkliertumoren kan verminderen.
Het beschermende effect lijkt vooral groter wanneer de ingreep gebeurt vóór de eerste loopsheid.
Maar ook hier is de wetenschap genuanceerder geworden.
We moeten namelijk niet alleen kijken naar één risico, maar naar het volledige gezondheidsplaatje.
Bij sommige honden kan langer behouden van hormonen voordelen hebben voor:
- gewrichtsontwikkeling;
- spierontwikkeling;
- lichaamsrijping.
Daarom wordt vandaag steeds vaker gekeken naar:
- ras;
- grootte;
- leeftijd;
- erfelijke aanleg;
- levensstijl.
De rol van oestrogeen en progesteron
Vrouwelijke geslachtshormonen zijn niet alleen bedoeld voor voortplanting.
Oestrogeen en progesteron beïnvloeden onder andere:
- botstofwisseling;
- gewrichten;
- spieren;
- immuunsysteem;
- hersenfunctie;
- gedrag.
Een hond is hormonaal gezien niet “kapot” omdat ze loops wordt.
De loopsheid is een normaal biologisch proces.
De vraag is vooral of de voordelen van het behouden van deze hormonen opwegen tegen de mogelijke gezondheidsrisico’s.
Schijnzwangerschap: normaal of probleem?
Veel teven vertonen na een loopsheid tekenen van schijnzwangerschap.
Dit komt door de natuurlijke hormonale cyclus.
Mogelijke signalen:
- nestgedrag;
- speelgoed verzorgen;
- melkproductie;
- onrust;
- aanhankelijkheid;
- prikkelbaarheid.
Een milde schijnzwangerschap is normaal.
Maar bij sommige teven veroorzaakt het veel stress of lichamelijke klachten.
Wanneer dit telkens terugkomt en ernstig is, kan castratie een medische overweging worden.
Invloed op gedrag
Ook bij teven wordt soms gedacht dat castratie gedrag volledig verandert.
Dat klopt niet.
Een stabiele teef wordt niet automatisch “rustiger”.
Gedrag wordt bepaald door:
- karakter;
- genetica;
- leerervaringen;
- omgeving;
- emoties;
- gezondheid.
Wel kunnen hormonale schommelingen bij sommige teven invloed hebben op:
- prikkelbaarheid;
- onzekerheid;
- stressgevoeligheid;
- gedrag tijdens loopsheid of schijnzwangerschap.
Wanneer wachten met castratie?
Bij sommige teven kan het verstandig zijn om niet extreem vroeg in te grijpen.
Dit geldt vooral bij:
- grote rassen;
- honden met risico op gewrichtsproblemen;
- honden waarbij lichamelijke ontwikkeling belangrijk is.
De reden is dat geslachtshormonen bijdragen aan een normale groei en ontwikkeling.
Een grote hond van 6 maanden is lichamelijk nog niet vergelijkbaar met een volwassen hond.
Wanneer kan vroegtijdige castratie wel aangewezen zijn?
Er zijn situaties waarin vroeger ingrijpen wel verstandig kan zijn.
Bijvoorbeeld:
- medische problemen aan de voortplantingsorganen;
- ernstige hormonale klachten;
- hoge kans op ongewenste dracht;
- leefomstandigheden waarbij loopsheid moeilijk veilig te beheren is.
Ook hier geldt:
Niet de leeftijd alleen bepaalt de keuze, maar de volledige situatie.
Teef en reu zijn niet hetzelfde
Een belangrijke boodschap:
Een reu en een teef kunnen niet volgens dezelfde regels behandeld worden.
Bij een reu gaat de discussie vaak over:
- testosteron;
- gedrag;
- prostaat;
- seksueel gedrag.
Bij een teef gaat het vaker over:
- pyometra;
- melkkliertumoren;
- hormonale cycli;
- ontwikkeling;
- incontinentie.
Daarom vraagt elke hond een individuele beoordeling.
Mijn visie als gedragstherapeut
Een teef is geen “probleem” omdat ze loops wordt.
Een loopsheid is een natuurlijk onderdeel van haar biologie.
Maar een eigenaar hoeft ook niet zomaar alle risico’s te aanvaarden.
De juiste keuze ontstaat door te kijken naar:
- het ras;
- de leeftijd;
- de gezondheid;
- de hormonale gevoeligheid;
- het gedrag;
- de leefomgeving.
Mijn advies is altijd:
Ken je hond voordat je een beslissing neemt.
Niet elke teef heeft dezelfde risico’s en niet elke teef heeft dezelfde behoeften.
Besluit
Castratie van een teef heeft duidelijke medische voordelen, vooral door het voorkomen van baarmoederontsteking.
Tegelijk weten we vandaag dat hormonen ook belangrijke functies hebben in het lichaam.
De moderne aanpak is daarom geen automatische keuze voor vroeg of laat, maar een individuele afweging.
De beste beslissing is degene waarbij we de gezondheid, het welzijn en de levenskwaliteit van deze specifieke hond centraal zetten.
Een hond is geen protocol.
Een hond is een individu.
Wetenschappelijke bronnen
- Hart, B.L. et al. (2020). Assisting Decision-Making on Age of Neutering for 35 Breeds of Dogs.
- Beauvais, W. et al. (2012). Studies rond gonadectomie en gezondheidsrisico’s.
- O’Neill, D.G. et al. (VetCompass). Epidemiologische studies naar pyometra en reproductieve aandoeningen.
- Kustritz, M.V.R. (2007). Determining the optimal age for gonadectomy of dogs and cats.
