Blog

Blog

Spel of gevecht?

In de psyche & brein van deze maand stond een heel leuk artikel over spelen. Het is de beste leerschool voor onze kinderen.

Spelen maakt je slim…, gezond en sociaal. Het verandert je hersenen, en dat komt je als volwassene ten goede. Bovendien kan je zo oefen op competenties die je in het volwassen leven kan nodig hebben zoals onderhandelen, leiding geven, …

Dit is niet enkel zo bij kinderen maar ook bij onze dieren. Onderzoek bij buideldieren suggereert zelfs dat speelse diersoorten een groter brein hebben dan minder speelse. Spel is namelijk complex en zit vol verrassingen. Dus leren spelen, leert je flexibel zijn op veranderende omstandigheden in je leven.

Bij onderzoek bij o.a ratten en muizen is vastgesteld dat bij meer vrij spel de angststoornissen en verslaving verminderd. Dieren die de kans krijgen om te spelen zijn socialer en beter in bijvoorbeeld jachttechnieken, omdat ze veel hebben kunnen oefenen.

Het is dus als hondeneigenaar belangrijk om je hond vrij spel te geven. Met jouw, maar ook met soortgenoten.
Als 2 of meer honden bij elkaar zijn is het wel de bedoeling dat ze spelen en geen andere motivatie hebben.

Vechtende honden zijn een veel voorkomend onderwerp, dit kan escaleren als de eigenaars niet op een juiste manier hiermee omgaan. De honden het maar laten uitzoeken is niet aan te raden. Als je honden vechten, bel een professional.

Het is niet ongewoon, want het is heel onnatuurlijk dat 2 teven of reuen van ongeveer dezelfde leeftijd en niet van dezelfde familie samen leven in 1 gezin. Maar het is zeker niet gewenst.

Vaak zie je ook honden in interactie en je weet niet of ze aan het vechten zijn, op de grens van beginnen te vechten zitten of dat het enkel spel is.

Spel herken je aan:

  • In rondjes lopen, rollen, …
  • Najagen
  • Positie wisselen
  • Vrijwillige deelname (ook na scheiding niet verstoppen)
  • Tanden en mond open
  • “Worstelen”
  • Niet vasthouden (paar seconden)
  • Poten slaan zonder pijn te willen doen
  • Spelagressie
  • ‘Kataanval’ is ok behalve als de hond daarna weg wil
  • Speloren en spelboog
  • Spelgrom ok maar geen escalatie bij harder en dieper grommen

https://www.youtube.com/watch?v=6XCmnOeAHDg&t=13s

Het wordt spannend wanneer de honden:

  • ‘Mouthen’ (met de bek open) naar de nek
  • Constant op de achterpoten staan
  • Frontale/speer bewegingen maken
  • Uitdagend contact vertonen
  • Dominante handelingen (poot, hoofd en lichaamsgewicht) verrichten
  • Geen pauzes inlassen

Hoe ga je ermee om als het escaleert?

  • Preventief; laat het niet zo ver komen!
  • Niet roepen want dan gaat de stress omhoog
  • Commando’s “liggen” en “blijven” aanleren
  • Uit de situatie halen bv gaan wandelen
  • Positieve bekrachtiging in de training
  • Rustige sfeer en relaxatie creëren

Als het mis gaat, hoe haal je dan de vechtende honden uit elkaar?

Als je twee vechtende honden uit elkaar wilt halen, neem je een groot risico en kan je gebeten worden. Dit is redirectie van de hond op jou door de grote mate van opgewondenheid waarin ze verkeren.

  • Achterhand opnemen
  • Water
  • Splitten (uit elkaar halen)
  • Lig en blijf (afkoelen) zonder beloning
  • Geen hond verwijderen = winnen
  • Negeren van beiden
  • Niet ‘laten uitvechten’ en stoppen voor de escalatie en er zo voor zorgen dat het een succeservaring is.

Wat zijn de mogelijke oorzaken van agressie tussen honden?

Er zijn hierin geen zwart/wit regels. Bijvoorbeeld een hond kan niet toestaan dat een ander naar een speeltje wilt komen, maar in een andere situatie wel toestaan dat de hond uit dezelfde voerbak eet.

  • Genetisch bv Alaska Malamut, American Staffords, Boxers want hoe meer honden onafhankelijk van elkaar werken bv terriër hoe meer agressie naar hetzelfde geslacht
  • Ontstaat vaak tussen 12 en 36 maanden en heeft dan vaak te maken met recht van voortplanting
  • Hormonale huishouding bijvoorbeeld bij loopsheid en zwangerschap bij de teef of bij de reu het teveel aan testosteron
  • Sociaal gedrag van een individu: de meeste honden zijn goed in rituelen rond agressie- en conflictvermijding. Rituele agressie vindt plaats wanneer honden een conflict proberen te beëindigen zonder bijten. Bijvoorbeeld door te grommen, te borstelen, tanden te laten zien, enzovoort. Problemen starten als dit dreiggedrag geen effect heeft.
  • Toegang tot belangrijke bronnen. Deze bronnen zijn subjectief en situatie/persoonsgerelateerd:
    Bijvoorbeeld:

    • de eigenaar geeft aandacht aan het bezoek bv begroeten of interactie
    • voeding bv te kort eten op elkaar
    • speelgoed! De nieuwe pup
    • slaapplaatsen bv een hoger gelegen of favoriete plaats
    • botten! hoge waarde
    • ruimte en persoonlijke ruimte
    • toegang tot privileges bijvoorbeeld de slaapplaats
    • voortplantingsrecht
  • Honden die qua taken hetzelfde willen, zijn geneigd met elkaar te vechten of honden die van karakter meer extravert zijn, zijn ook meer geneigd om agressie in te zetten.
  • In hoge opwinding kan het zijn dat er over grenzen wordt gegaan voorbeeld bij begroeten van de eigenaar na een hele tijd. Je komt in een “ rode reactieve staat” en vertoont geen normaal gedrag meer, dat je wel vertoont als je rustig bent.
  • Redirectie-agressie aan bijvoorbeeld een omheining! Pas op als je wil tussenkomen
  • Veranderingen in de sociale groep bijvoorbeeld doordat een pup opgroeit, door ziekte of overlijden, door de komst van een nieuwe hond, …taken die in het gezin veranderen
  • Als een hond slecht gesocialiseerd werd, reageert hij niet altijd even sociaal of normaal op gedrag. Zij vallen sneller andere honden aan. Zij moeten door de hondentaal beter of terug leren spreken.
  • Medische oorzaken
    • Chronische pijn: bijvoorbeeld een oorinfectie zorgt ervoor dat de hond gromt als je zijn hoofd aanraakt, nek- of ruggenwervelproblemen kunnen agressie veroorzaken als een hond de halsband aangedaan wordt, artrose of artritis veroorzaakt een kort lontje.
    • Hypothyroidisme: (te traag werkende schildklier) dit tast het endocriene systeem van honden aan, en wordt veroorzaakt door een tekort aan schildklierhormonen. Dit kan ontdekt worden door een bloedtest, de symptomen zijn: veel bijkomen, veel ruiven, slaapzucht, snel koud hebben en gedragsverandering met angst, hypergedrag of agressie.
    • Hersenaanval: in de post-ictale fase, gevolgd door een aanval (epilepsie). Hier kan een deel van de hersenen, verantwoordelijk voor het regelen van agressie, aangetast worden. Dit is dikwijls te zien in de rassen zoals Cocker en Springer Spaniels en Chesapeake Bay Retrievers.
    • De conditie van de hersenen: een trauma kan bepaalde regio’s van de hersenen aantasten en neurologische afwijkingen veroorzaken zoals agressief gedrag. Dit treedt op als de hond hersenschade heeft gekregen bijvoorbeeld bij hersenkanker bij oudere honden, encephalitis of ontsteking in de hersenen zoals bijvoorbeeld hondsdolheid of distemper. Hydrocephalus of een vergroting van het brein geeft ook neurologische reacties waaronder soms agressie.
    • Andere: artrose, slecht gehoor, tandproblemen, … Zeker bij ouder wordende honden.

Het is zinloos je rol op te eisen als ‘baas of roedelleider’ om respect af te dwingen. De dominantietheorie is al jaren weerlegd en deze bevestigt dat honden geen status zoekende wezens zijn die proberen je positie over te nemen, maar gewoonweg opportunisten die het gedrag vertonen dat bekrachtigd wordt.

Het is zonde dat veel hondeneigenaars de hond dan weg geven, naar een asiel brengen of laten inslapen. Vaak is het gedrag aan te passen of de medische oorzaak of pijn op te lossen. Eigenaars geven de honden dikwijls niet meer het voordeel van de twijfel door onkunde en onwetendheid of angst voor een eigen hond.

Een agressieve hond is meestal ook een angstige hond, vooral wanneer de agressie gericht is naar mensen en kinderen. Het is dus heel belangrijk om te kijken of er geen onderliggend probleem is. Want studies hebben aangetoond dat er bij een plotselinge uitbraak van agressie meestal medische problemen gerelateerd zijn.

Hoe ga je tewerk als je zelf een agressieve hond hebt? Wat is het stappenplan

  1. De eerste stap is om de muilkorf aan te leren en naar de dierenarts te gaan voor onderzoek om eventuele medische oorzaken uit te sluiten of te achterhalen.
  2. Maak een afspraak bij een gecertificeerd/gediplomeerd hondengedragstherapeut en noteer hierbij dat hoe sneller je het gedrag aanpakt, hoe beter de prognose zal zijn. (www.dierengedragstherapeuten.be)
  3. Doe aan management en voorkom (tijdelijk) dat de twee honden bij elkaar kunnen vooraleer er weer een bloederige aanval volgt. Het risico is te groot dat de honden verder gaan in agressie of dat je zelf gewond wordt. Laat honden nooit samen zonder supervisie en als ze samenkomen zorg dat ze aangelijnd zijn of eventueel een muilkorf dragen. De honden leiden dus een apart leven. Dit wil zeggen dat je de honden apart in een bench houdt of er een aparte ruimte is, dat ze elkaar kunnen zien en ruiken maar zeker niet aan elkaar kunnen. Je moet dus een relatiesysteem in je huishouden inbouwen zo dat elke hond een deel van de dag bij jou kan zijn. Soms is, bij agressie in hetzelfde gezin, herplaatsten de enige oplossing en het beste voor de hond omdat hij in een constante stress en angst leeft, ook al zijn de twee honden van elkaar gescheiden.

Wil je meer weten volg dan onze avond workshop!

https://www.toscanzahoeve.be/events/spel-en-sociaal-zijn-bij-honden/

Blog

Gedragsstoornissen bij de oudere hond

Als je hond ouder wordt, gebeurt er van alles met het lichaam en ook gedragsmatig. De zintuigen worden minder scherp en angst of agressie kan plots optreden.

Men onderscheidt bij de oudere hond twee soorten van pathologisch gedrag; met en zonder agressie. Agressie zal ingezet worden bij pijn, zintuiglijke verandering en dysthymie. Regressie of depressie en verwarring of desoriëntatiestoornis kan wel of niet agressie veroorzaken. Met het ouder worden, kan het dier agressief worden. Maar vaak gaat het om een lichamelijk probleem. Lichamelijke verstoringen zoals pijn zijn de meest frequente oorzaak van agressie bij de bejaarde hond. De preventie van agressief gedrag bij een oud dier is dan ook heel belangrijk en berust vooral op pijnbestrijding.

Als de hond pijn voelt, zal de agressie veroorzaakt wordt door irritatie. De oorsprong van deze pijn kan heel divers zijn. Je merkt dat het plots opkomende agressiviteit is, vaak tijdens verzorging of aanraking, eerder gericht tegenover de mensen die de hond kent en je ziet het volledig agressief gedrag-repertoire, gaande van dreigen naar bijten en vluchten. Dit gedrag wordt versterkt met elke succesvolle afloop en de hond krijgt vaak de neiging om daarna te anticiperen en geïnstrumenteerde agressie te ontwikkelen. Dit wil zeggen dat hij de fase van dreigen afschaft. Vaak wordt het dier naast pijnbestrijding ook geholpen met gedragsmedicatie.

De agressiviteit kan ook veroorzaakt worden door veranderingen van de zintuiglijke capaciteit van de hond, bijvoorbeeld een dove hond wordt verrast en valt uit door schrik of door irritatie. Je gaat preventief aan de slag door te communiceren met de hond aan de hand van een nog werkzaam zintuig.
Regressie of involutie depressie: hier verliest de hond de mogelijkheid nog snel te reageren en bijvoorbeeld een onderdanige houding of een spel boog aan te nemen. Zo krijg je conflicten met andere honden.

Uit verwarring kan het zijn dat de hond zijn eigen familieleden niet meer herkent en aanvalt uit angst. Bij het herhaaldelijk straffen van de eigenaar, die gefrustreerd is door bijvoorbeeld onzindelijkheid van zijn hond, kan het ook leiden tot agressie.

Naast agressie zie je bij de oudere hond ook nog andere gedragsveranderingen zoals onzindelijkheid, omdat de hond zich niet meer bewust is van de juiste ondergrond na verstoorde slaap; het exploitatiegedrag dat opnieuw oraal wordt, de hond gaat dus opnieuw dingen kapot bijten; het verlies van aangeleerde kennis, overdreven gehechtheid, angsttoestanden, verward en versuft gedrag, slechte oriëntatie, ’s nachts wakker worden en rond lopen, enzovoort.

Regressie gedrag vind je terug bij dieren van gemiddeld zeven jaar en ouder, soms vanaf vijf jaar bij de molossers en bijvoorbeeld na 10 jaar bij de poedels. Het komt tweemaal meer voorbij vrouwelijke dieren. Er zijn factoren die het gedrag kunnen uitlokken zoals bijvoorbeeld het stoppen van een bepaalde activiteit, een nieuwe hond in huis halen, andere vorm van aandacht door de eigenaars, een verhuis of meer drukte in het gezin, meer gebruik van straf, enzovoort. Soms kan een nieuwe jonge hond nuttig zijn om de oudere hond in beweging te houden maar daar moet men zeker zijn dat de oude hond nog in staat is tot normaal sociaal gedrag zoals bijvoorbeeld het aannemen van een onderdanige houding.

In de gedragstherapie is het belangrijk om een rustige en veilige omgeving voor het dier te creëren, het dier niet af te straffen en zeker niet meer angst veroorzaken. Het is ook belangrijk om de eigenaar te verwittigen dat het een aftakelingsproces is en dat geen normaal gedrag meer kan verwacht worden. Het is belangrijk om risico’s voor agressie te voorkomen en aangepaste gedragsmedicatie te geven. De meest voorkomende gedragsmedicaties zijn: selgian, clomicalm en fluoxetine

Het raadplegen van een dierenarts en een gedragstherapeut (www.kahot.be) is aan te raden.

Blog

Angst bij dieren

Angst is een natuurlijke emotie bij dieren. Doch het is niet altijd gewenst of leuk voor jou of gezond voor de hond.

Soorten:

  • angst
  • grote angst
  • paniek
  • angstagressie

Mogelijke oorzaken van angst

  • genetisch
  • socialisatie
  • ervaringsgerichte angsten bv trauma, conditioneringen, …
  • ziektes
  • fobieën

Angst is een emotie, een overlevingsdrift en uit zich op verschillende manieren:

  • het leerproces vermindert of verdwijnt
  • verhoogde hartslag
  • verhoogde ademhaling
  • kwijlen
  • vergroting pupillen
  • aanmaak adrenaline
  • sprekende mimiek bv oogwit
  • vluchten, vechten, verstijven
  • lage gekromde lichaamshouding
  • beven
  • lage hoofdhouding
  • staart tussen poten
  • likken, zweten, gespannen spieren, verlies van uitwerpselen/urine/anaalklieren
  • oren achteruit
  • prikkel vermijden
  • plat op grond liggen
  • aanleunen
  • piepen en schreeuwen
  • enz…

Wat gebeurt er allemaal in die buik?

Voordat de puppy’s hun eerste poot op de wereld zetten hebben ze al vele indrukken opgedaan vanuit de baarmoeder. Niet alleen lichamelijk ontwikkelen puppy’s zich in de baarmoeder maar ook emotioneel worden hier de eerste bouwstenen gelegd. De omgeving van de moederhond, positie in de baarmoeder, gevoelens en voeding kunnen allemaal belangrijke gevolgen hebben voor de nakomelingen.
Uit wetenschappelijk onderzoek (niet bij honden, maar bij ratten) blijkt dat wanneer een moederhond vele stressfactoren ervaart tijdens de dracht ze dit kan doorgeven aan haar pups. Hierdoor kan het zijn dat de nakomelingen moeilijk met stress kunnen omgaan. Dit heeft dan dus niet per definitie iets te maken met erfelijkheid (als in dat het in de genen geprogrammeerd is), maar waarschijnlijk meer met de hormonen die tijdens de angstreactie(s) vrijkomen. Dit kan ook het gedrag van de pups op langere termijn beïnvloeden. Als de moeder in het laatste stadium van haar dracht steeds erg gespannen is, zullen haar pups een verminderd leervermogen hebben, in sommige opzichten extreem gedrag vertonen en erg emotioneel reageren. Dit is mogelijk een rechtstreeks gevolg van de grote hoeveelheid stresshormonen (corticosteroïden) die door de moeder geproduceerd werd.
Wat de hersenen van een ongeboren pup mogelijk ook beïnvloedt zijn de broertjes en zusjes die zich naast hem/haar in diezelfde baarmoeder ontwikkelen. Uit gegevens blijkt dat wanneer er veel mannelijke pups in de baarmoeder zitten, er zoveel mannelijke hormonen (androgenen) in de embryonale vloeistof terechtkomen dat dat invloed heeft op alle pups. Teefjes die geboren worden in een nest met hoofdzakelijk reutjes gedragen zich mannelijker. Dat wijst erop dat hormonen van hun broertjes de vorming en het functioneren van hun hersenen hebben beïnvloed toen ze nog in de baarmoeder zaten.

De hond heeft angst en reageert; hij schrikt, bevriest, vlucht, haalt uit of wijkt.

  • schrikken: dan sta je stil, negeert (geen oogcontact, lichamelijk contact en niets zeggen) de hond en wacht tot de hond kalm is/zich herstelt om weer verder te gaan. Je zegt dus eigenlijk met je lichaamstaal tegen de hond dat er niets mis is en je geeft hem de kans om te herstellen. Dit kun je vergelijken autorijden, de auto voor je stopt plotseling, je rijdt er bijna tegenaan. Het is normaal dat je angst hebt/schrikt en je hart zal sneller slaan maar je zult je herstellen, er is namelijk niets gebeurd en je kunt gewoon doorrijden.
  • wijken of ervan vluchten: hier is wel een diepe angst of een trauma. Dan is het je taak om veiligheid te bieden en eventueel de hond op te pakken, enz… lichamelijk contact is hier belangrijk. Het troostend toespreken zou ik vermijden omdat dat op dezelfde toon is als belonen, hoewel de hond hier in zo’n psychologische toestand zit dat hij niet meer vatbaar is om te leren. Het leerproces wordt door angst geblokkeerd.

Angst en agressie

Indien je hond zijn angst niet (meer) onder controle heeft of ervan weg gaat of vluchten niet (meer) lijkt te helpen, gaat de hond vaak over naar uitvallen om het voorwerp, dier of mens waarvan hij angstig is, te verjagen. Vaak heeft dit wel succes en de hond zal zijn gedrag herhalen.
Angstagressie kan natuurlijk ook plots ontstaan en heeft vaak een medische oorzaak.

De medische oorzaken bij (angst)agressie bij honden:

  • Chronische pijn: bijvoorbeeld een oorinfectie zorgt ervoor dat de hond gromt als je zijn hoofd aanraakt, nek- of ruggenwervelproblemen kunnen agressie veroorzaken als een hond de halsband aangedaan wordt, artrose of artritis veroorzaakt een kort lontje.
  • Hypothyroidisme (te traag werkende schildklier): dit tast het endocriene systeem van honden aan, en wordt veroorzaakt door een tekort aan schildklierhormonen. Dit kan ontdekt worden door een bloedtest, de symptomen zijn: veel bijkomen, veel ruiven, lethargie (slaapzucht), snel koud hebben en gedragsverandering met angst, hypergedrag of agressie.
  • Hersenaanval: in de post-ictale fase, gevolgd door een aanval (epilepsie). Hier kan een deel van de hersenen, verantwoordelijk voor het regelen van agressie, aangetast worden. Dit is dikwijls te zien in de rassen zoals Cocker en Springer Spaniëls en Chesapeake Bay Retrievers.
  • De conditie van de hersenen: een trauma kan bepaalde regio’s van de hersenen aantasten en neurologische afwijkingen veroorzaken zoals agressief gedrag. Dit treedt op als de hond hersenschade heeft gekregen bijvoorbeeld bij hersenkanker bij oudere honden, encefalitis of ontsteking in de hersenen zoals bijvoorbeeld hondsdolheid of distemper. Hydrocephalus of een vergroting van het brein geeft ook neurologische reacties waaronder soms agressie.
  • Andere: oorontsteking, artrose, slecht gehoor, tandproblemen, … Zeker bij ouder wordende honden.

Is jouw hond angstig?

Als jouw hond angstig is, dan is het belangrijk om te ontdekken hoe dit ontstaan is en wat de omstandigheden zijn waarin deze emotie en het bijhorende gedrag zich vertoont. Want de gedragstherapie wordt bepaald door de oorzaak van het gedrag.

Een gediplomeerd gedragstherapeut in de buurt? www.dierengedragstherapeuten.be

Blog

Scheiding, nieuw-samengestelde gezinnen en huisdieren

Ik krijg op consult meer en meer koppels die uit elkaar zijn en waarvan de hond of kat in co-ouderschap leeft, of in nieuw-samengestelde gezinnen waarvan elkaars huisdier(en) met elkaar moeten leren omgaan en de huisdieren net als de kinderen de dupe zijn van een scheiding.
Een scheiding, of verandering van gezin, brengt heel wat teweeg bij een hond of kat. Daarom er zeker niet lichtzinnig mee omspringen.

Een hond is een sociaal dier dat van nature in de roedel leeft en sterke banden heeft met de andere leden van het gezin. De familie waarvan de hond komt en waar de hond nu verblijft, is ook heel belangrijk voor hem. Vermits de hond ook emoties heeft, kan een scheiding of verandering van omgeving of gezin, een grote impact hebben op zijn gezondheid. Een kat is – ondanks het feit dat het een solitaire jager is – ook een sociaal dier dat geniet van het gezelschap van anderen. Bovendien zijn katten heel territoriaal en hechten ze zich aan bepaalde programma’s. Als ze zich aangevallen voelen, of hun territorium wordt bedreigd kunnen ze gedragsproblemen gaan vertonen.

Het gebrek aan aandacht, activiteit, structuur, regelmatige aandacht van een bepaalde persoon,… enzovoort kan leiden tot gedragsproblemen en zelfs stereotiep gedrag. Het dier wordt depressief, angstig, agressief, apathisch, trekt zich de haren uit de vacht en bijt aan de poten, wordt onzindelijk, wil niet meer eten, enzovoort…

Als het dier bij een nieuw gezin terechtkomt, zal het gezin aandacht aan het dier moeten besteden en er rekening mee moeten houden dat dit gebeuren een impact heeft op de fysieke en mentale gezondheid van het dier. Als partners uit elkaar gaan, en het dier blijft bij één partner, zal deze partner ook extra tijd moeten besteden aan de hond of kat bijvoorbeeld door te spelen als hij/zij thuiskomt van het werk. Zo voelt het dier dat het nog altijd een plaatsje in het nieuwe gezin heeft. Belangrijk is dat in het nieuwe gezin of door beide (ex)partners duidelijk wordt gemaakt wat wel en niet mag. Waar de grenzen liggen. Want grenzen geven duidelijkheid en stellen het dier gerust.

Als mensen uit elkaar gaan, gaat de hond of kat één week op de twee bij de andere. Maar vaak spreken de ex-partners niet meer met elkaar, en is een dier hiervan de dupe. Voor een kat is het verhuizen van locatie bijzonder stresserend en ongezond. Voor een hond is het niet altijd duidelijk welke grenzen en gewoontes in welk gezin mogen. Co-ouderschap is dan ook af te raden.

Als partners uit elkaar gaan zijn niet enkel de kinderen maar dus ook het huisdier vaak de dupe. Het is daarom belangrijk dat ze beiden hun eigen standpunt en belangen aan de kant zetten voor het welzijn van (hun kinderen en) het dier. Er is een regeling voor de kinderen, want na de scheiding blijf je allebei ouders van het kind wat maakt dat je in de toekomst best nog samen door één deur gaat. Bij een dier kan het perfect zijn dat na de scheiding één van beiden het huisdier nooit meer ziet. Dat maakt het soms makkelijker maar kan het ook bemoeilijken om tot een consensus te komen. Bovendien mag de rol van een huisdier binnen het gezin zelf niet worden onderschat omdat het dier vaak een grote troost kan zijn voor kinderen. Ze kennen echter alvast ook een erg moeilijke periode als partners uit elkaar gaan
Doordat dieren in de wetgeving nog steeds als een ding gezien worden – een voorwerp zo je wil – is een wettelijke omgangsregeling voor huisdieren, wanneer een koppel uit elkaar gaat, niet evident. Een huisdier is veel meer dan een voorwerp, dat zie je vaak aan de manier waarop dieren wel eens worden gebruikt in een (vecht)scheiding. Soms worden huisdieren wel eens stiekem bij elkaar weggehaald, ofwel worden ze gebruikt in de strijd om het bezoekrecht van de kinderen. En zolang er geen echtscheidingsvonnis is, bestaat er geen diefstal tussen partners. Doelloos een hond of een kat weghalen wordt niet eens als diefstal beschouwd. Sommige organisaties blijven voor het toekennen van alimentatie aan degene die het dier bij zich houdt.

Maar er bestaat dus geen specifieke regeling in de wet over het lot van huisdieren bij echtscheiding want de wetgever beschouwt het dier als lichamelijk onroerend goed, net zoals een tafel bij echtscheiding met onderlinge toestemming. Beslissen dus beiden in onderling akkoord wat er met de huisdieren gebeurt, er is geen wettelijke basis en dus hangt veel af van de rechter. Het bezoekrecht voor het dier is niet hetzelfde als de omgangsregeling voor een kind. Wordt de regeling niet nageleefd, dan kan er geen strafklacht worden neergelegd. Kom je ook onderling niet overeen, het is belangrijk te weten wie de eigenaar is van het dier. Mijn stelling van scheiding van goederen is dat degene die het dier kocht en op wiens naam het geregistreerd staat, de eigenaar is. Wie het betaalde is niet van belang. Mijn stelling over gemeenschap van goederen is, dat het dier gemeenschappelijk eigendom is indien een van de echtgenoten kan aantonen dat het huisdier met zijn/haar eigen geld heeft gekocht, zelfs als het dier niet op zijn of haar naam geregistreerd is.

Er zijn rechters die het huisdier eerder aan de ene echtgenoot toevertrouwen en aan de andere echtgenoot recht geeft om het dier te zien. Andere rechters kunnen een week-weekregeling opleggen of een wandelrecht geven maar het Hof van Beroep van Brussel oordeelde in een zaak dat een week-weekregeling niet wenselijk is omdat het dier telkens uit zijn vertrouwde omgeving wordt weggehaald. Bij de beoordeling van de rechter wordt onder andere rekening gehouden met welke partner het dier een band heeft en er na de scheiding voor een test kan gezorgd worden.

Als je een overeenkomst hebt kan je best een regeling afspreken voor de kosten van de dierenarts, inentingen enzovoort. Of je kan overeenkomen dat een van beiden alimentatie betaalt. Dit is niet fiscaal aftrekbaar. Wie het dier bijhoudt is ook aansprakelijk voor de schade die berokkend wordt aan derden. Zorg daarom voor een goede familiale verzekering. Je laat de afspraken best op papier zetten door een bemiddelaar of advocaat. De notaris zelf gaat bij een scheiding, tenzij onderling overeengekomen, zich niet inlaten met de regeling voor je huisdier en zal enkel nakijken wie eigenaar is van het dier. Zijn jullie beiden eigenaar en kom je niet tot een akkoord, dan zal de notaris een verdeling in natuur uitwerken of bepalen via lottrekking.

Bij wettelijke samenwoners gelden in belangrijke mate dezelfde principes als voor echtgenoten gehuwd onder het stelsel van scheiding van goederen. Maar voor feitelijke samenwoners bestaat de mogelijkheid via de notaris niet en zij kunnen proberen via een kortgeding een regeling voor het huisdier te krijgen.
Leer je een nieuwe partner kennen of kom je terecht met je huisdier in een nieuw gezin, geef het dier dan tijd om zich aan te passen. Hou er ook rekening mee dat het dier niet elk gezinslid of elk dier in het nieuwe gezin leuk zal vinden. Advies van een gedragstherapeut is hier vaak heel wenselijk.

Sommige vechten voor hun dier, andere blijven samen, speciaal voor hun dier, soms willen geen van beiden het dier en komt het in een asiel terecht, enzovoort. Wat je ook beslist denk na over de impact en maak een diervriendelijke keuze. En de hulp van een coach of bemiddelaar inzake het dier is aan te raden.

Blog

Toscanzahoeve wie, wat en hoe?

Toscanzahoeve is een centrum voor gedrag, communicatie en welzijn voor mens en dier voor communicatie van hart tot hart, authentieke relaties, en dierenspiegel ® om jezelf en je dier beter te leren kennen

wat?
5 elementen

Hoe?
• Congruentie boven conformiteit: Je hoeft niets te doen dat niet goed voor je voelt
• Authenticiteit boven perfectie: We moedigen je aan om nieuwe dingen te proberen zonder je druk te maken over de vraag of je het wel ‘goed’ doet.
• Aanpassingsvermogen en leergierigheid boven methodologie: We vragen je om je bestaande kennis op de’ waakvlam’ te zetten en open te staan voor nieuwe manieren en zienswijzen

Wie?
Wij hebben allemaal een erkend diploma en scholen onszelf continue bij om u en uw dier zo goed mogelijk te begeleiden, ook op lange termijn. U nog uw dier zijn robotten en hebben een aandeel en verantwoordelijkheid in het proces van verandering. Het is belangrijk dat u toepast wat we adviseren en dat u in communicatie blijft met ons via mail, tel ,… zodat we ten alle tijden kunnen bijsturen waar nodig.

Waar en wanneer?
Op locatie en in de Toscanzahoeve. Enkel op afspraak.

Scroll naar boven